826

Heksen delen

Ik stond met hem aan de poort. Aan het slot te morrelen. Ons slot. Zijn slot. Het slot waarlangs mijn geliefden en ik dagelijks onze heilige haven binnentreden. Het slot waarlangs de mensen binnenkomen van wie we de gezichten zo kennen, dat we ze nu ook als naasten beschouwen. Vijf jaar geleden vond ik hier mijn toevlucht. Rust. Bomen. Tegen een uiterst billijke vergoeding. My Shelter For The Storm. Nu ours. Mijn dier was zelfs welkom. Een godsgeschenk. Was het en is het. 

Ik steek de sleutel in de poort. Zeg dat het wel gaat, maar dat het een dezer gaat falen.  In mijn hoofd zeg ik dat hij nutteloos is en dat je geen glazen bol nodig hebt om de ondergang van deze poort te voorspellen. Het is stout van me. Ik weet het wel. Maar ik toon mijn dankbaarheid en laat mijn liefde achter. Het wordt gewaardeerd. Wederzijds respect en vertrouwen. Want heksen delen. Altijd. Hun liefde. Pak er maar wat stoutigheid bij. Nutteloos. Ik bedoel natuurlijk – niet praktisch aangelegd. 

En dan valt me te binnen dat hij zo gewend is dat poorten als vanzelf voor hem opengaan. En waarom ook niet. Laat ons ervan uitgaan – bij wijze van experiment – dat de juiste poorten zo voor ons opengaan. Omdat we het verdienen. Omdat we dapper, dankbaar en dienend zijn.

Ik voel me de laatste dagen zo moe. Niet per se fysiek. Ook wel. Mijn liefste mag even geheel en alleen voor ons zorgen.

Telkens wanneer ik me neerzet, komt er gek veel info binnen. Geometrische patronen, lijnen, codes. 826. Iets uit de kwantumfysica. Iemand mag me hier helpen. Misschien morrelt het ook even aan jouw poort. Weet dat je ook in andere huizen meer dan welkom bent. Het onze. En dat vakmannen er soms onverwacht snel kunnen staan.

No responses yet

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Latest Comments

No comments to show.

Latest Posts